Wij gebruiken cookies om er voor te zorgen dat u onze website optimaal kunt gebruiken. Bezoekt u onze website, dan gaat u akkoord met deze cookies.
Deze website maakt gebruik van cookies. Als u klikt om door te gaan op deze website, dan gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Voor meer informatie

Weber Saint-Gobain - Official website of the company

Diagnose van de ondergrond

De 6 noodzakelijke stappen

De hechtkracht van de mortel hangt voor een groot stuk af van de kwaliteit van de voorbereiding van de ondergrond, en dus van de vooraf gemaakte diagnose van de oude ondergrond. Hierbij de middelen om een diagnose uit te voeren op een oude ondergrond. Een goede ondergrond dient hard, stabiel, hechtend, zuiver, gezond en normaal zuigend te zijn

1 - Aard van de bestaande bekleding

Hoe de aard van de bestaande bekleding kennen ?

Organische verf wordt over het algemeen soepel indien er een vlam op gericht wordt

Dikkere organische bekledingen (van 1 tot 3 mm) worden eveneens soepel, maar minder snel

Kalk-cementpleisters zijn ongevoelig voor vlammen

2 - Hechting van de bestaande bekleding

Hoe de hechting van een bestaande bekleding controleren ?

Om de hechting van een verf op een gladde ondergrond te testen, een kruisproef uitvoeren door in de verf vakjes van 2 x 2 mm te kerven met een mes (en dit op een totale oppervlakte van 10 x 10 cm). De verf wordt als hechtend beschouwd indien 80% van de vakjes blijven hechten. Zoniet, de verf schuren of uitkappen

Om verf op een ruwe ondergrond of een organische bekleding te testen, de hechting controleren door middel van een plamuurmes (of een beitel)

Voor kalk-cementpleister, de procedure toepassen zoals beschreven in punt 5 (onderzoeken van het pleister)

3 - Hardheid

Hoe de hardheid van het pleister nagaan ?

De hardheid van het pleister testen door met een schroevendraaier cirkelvormige krassen aan te brengen op verschillende plaatsen, of door hiermee met een draaibeweging op verschillende plaatsen van het pleister druk uit te oefenen

Het pleister is voldoende hard wanneer de schroevendraaier niet in het pleister doordringt

Wanneer de schroevendraaier lichtjes in het pleister doordringt, is deze laatste niet hard genoeg, maar nog wel voldoende hechtend. Het pleister volledig verwijderen indien de schroevendraaier makkelijk door het pleister dringt

4 - Aard van de ondergrond

Hoe de aard van de basisbepleistering of voegmortel controleren ?

Vroeger werden metselwerken opgetrokken met mortels met variƫrende samenstelling (aarde, klei, luchtkalk, zand, ...). Deze zijn in het algemeen brokkelig en hebben weinig weerstand

Later zijn deze vervangen door mortels op basis van hydraulische bindmiddelen (hydraulische kalk, cement). Hun hardheid staat in functie van de hoeveelheid en de aard van de bindmiddelen

In sommige streken zijn de metselwerken opgetrokken met gips, gipsmortel of met gipskalk. Deze mortels zijn over het algemeen wit, zacht en hebben een fijne structuur

5 - Onderzoeken van het pleister

Hoe de hechting van een pleister controleren ?

Eerst alle bereikbare oppervlakken onderzoeken met een hamer. Achterhalen of het pleister al dan niet hol klinkt (vooral rond scheurtjes)

Het pleister volledig verwijderen indien er grote oppervlakten zijn die hol klinken. Indien er enkel lokale plaatsen zijn waar het pleister hol klinkt, deze verwijderen

In dit geval, de totale gevel onderzoeken tijdens het plaatsen van de steigers. Bij twijfel over de hechting, het pleister over zijn totale oppervlakte verwijderen

6 - Porositeit

Hoe de porositeit van de ondergrond controleren ?

Water aanbrengen op de muur om de muur te bevochtigen

De ondergrond is niet poreus indien het water van de muur vloeit

Indien het water snel geabsorbeerd wordt, dient de ondergrond als poreus beschouwd te worden