Wij gebruiken cookies om er voor te zorgen dat u onze website optimaal kunt gebruiken. Bezoekt u onze website, dan gaat u akkoord met deze cookies.
Deze website maakt gebruik van cookies. Als u klikt om door te gaan op deze website, dan gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Voor meer informatie

Weber Saint-Gobain - Official website of the company

Verlijmen van gevelstenen

Het verlijmen van gevelstenen is al lang niet nieuw meer. Het eerste project in België waarbij deze techniek werd toegepast, is het Koning Boudewijnstadion in Brussel. De rode handvorm bakstenen in combinatie met lijmmortel, resulteerde in een mooi esthetisch aspect : een gestapelde massa in een uniforme kleur. Sinds de renovatie van deze sportarena op de Heizel in 1995, won deze metseltechniek (of eerder lijmtechniek) aan bekendheid en werden de constructieve mogelijkheden en bouwfysische eigenschappen ervan in de loop der jaren onderzocht. Ondertussen zijn er reeds duizenden vierkante meters met succes uitgevoerd.

Verlijmd metselwerk versus traditioneel

Er zijn 3 grote verschillen :

1. De prestaties

Gelijmd gevelmetselwerk haalt hogere technische prestaties dan traditioneel metselwerk. De hechtsterkte van lijmmortel ligt tot 3 keer hoger dan deze van een metselmortel. Dit is van belang als het lijmwerk moet voldoen aan bepaalde constructieve eisen, bijvoorbeeld voor het maken van overspanningen. Ook voor het overbruggen van raamopeningen kan lijmmortel in sommige gevallen voldoende sterkte bieden om de belasting te kunnen opvangen waardoor het plaatsen van lateien overbodig is

2. De toepassingsmethode

Het verlijmen van bakstenen gebeurt meestal met een lijmpomp of spuitzak in plaats van een truweel. De keuze hangt onder andere af van :

  • de grootte van het project : kleine projecten worden doorgaans met een spuitzak uitgevoerd omdat een lijmpomp redelijk wat onderhoud vergt 
  • het legvlak van de gevelsteen : bij een klein legvlak is het gebruik van een spuitzak handiger

3. Het esthetische

Zoals eerder gezegd ziet een gevel met een dunne voeg eruit alsof de stenen koud werden gestapeld, wat de gevel een massiever beeld geeft en de kleur intenser maakt. Bij traditioneel metselwerk is de voeg bepalend voor het uiteindelijke gevelbeeld, terwijl bij verlijmd metselwerk de steen doorslaggevend is. Let wel, een kleur lijmmortel overeenkomstig de kleur van de steen zal nog steeds een ander effect creëren dan een kleur die net ver verwijderd ligt van de kleur van de gevelsteen.

Voegen

Een groot voordeel van deze oplossing is dat de gevel onmiddellijk is afgewerkt. We gaan graag dieper in op de voegbreedte, stootvoegen en dilataties.

Voegbreedte

Zowel handvorm-, vormbak- als strengpersstenen kunnen verlijmd worden, maar ook speciale afgeleide vormstenen komen voor deze techniek in aanmerking. Hoe groter de maatvastheid, hoe gemakkelijker uiteraard. Het is de grilligheid van de steen die doorgaans de voegdikte bepaalt :

  • 5 tot 6 mm bij handvormstenen
  • 3 tot 4 mm in theorie bij de meeste strengpersstenen en vormbakstenen

Echter, de ervaring leert dat een minimum voegdikte van 5 mm het best werkt. Indien er een extra wapening voorzien moet worden, is dit trouwens sowieso het minimum dat aangehouden moet worden.

Naast deze algemene bepalingen, kan de minimum lijmdikte berekend worden aan de hand van volgende eenvoudige regel : de voegdikte dient groter of gelijk te zijn aan 2 x de tolerantie, gemeten over 3 keer 10 willekeurig gekozen stenen.

Stootvoegen

We krijgen regelmatig de vraag of de stootvoegen open of gesloten moeten zijn. Beide zijn mogelijk. Uit proeven en metingen van onder meer de KU Leuven is immers gebleken dat er bij regen nauwelijks een verschil is tussen verlijmd en traditioneel gevelmetselwerk, ongeacht of de stootvoegen open of gesloten zijn. Het voordeel van open stootvoegen is een betere ventilatie van de gevel waardoor deze sneller droogt. Nadeel van deze betere ventilatie is dan weer dat het aangewezen is om de achterliggende binnenmuur luchtdicht te maken door deze te cementeren bijvoorbeeld.

Dilatatievoegen

Gewoonlijk wordt dezelfde dilatatie-afstand aangenomen als bij traditioneel metselwerk, namelijk 12 tot 30 meter, afhankelijk van de aard van de constructie.

Steenformaten en metselverband

Lijmmortel biedt heel wat esthetische mogelijkheden, van klassiek halfsteensverband tot stapelverband. We halen hieronder 3 metselverbanden aan, maar er zijn zo veel opties. Bij verlijmen worden ook vaak speciale effecten nagestreefd, zoals bijvoorbeeld een klampmuur waarbij de stenen op hun kant worden verwerkt.

Halfsteensverband

De strek van standaard gevelsteenformaten, zoals de waalformaten, komt overeen met 2x de kop + één voeg van 12 mm, wat de standaard voegbreedte van traditioneel metselwerk is. Gezien de voegbreedte bij verlijmd metselwerk een stuk lager ligt (van 3 tot 8 mm), klopt de kop/strek-verhouding niet meer voor halfsteensverband. Toch is het mogelijk dit verband toe te passen mits veel zaagwerk of door te kiezen voor gevelsteenformaten die een aangepaste kop/strek-verhouding hebben.

Klezoren- en stapelverband

Bij het stapelverband liggen de koppen en strekken recht boven elkaar. Het is een zwak verband of kan zelfs bestempeld worden als het ontbreken van een verband. De hoge hechtsterkte van lijmmortel biedt in dit geval een voordeel. Hetzelfde geldt bij het klezorenverband omdat de stootvoegen in de verschillende lagen dicht bij elkaar liggen.

Spouwankers en wapening

Wat de spouwankers betreft, gelden ook hier dezelfde regels als bij traditioneel metselwerk, namelijk 5 tot 6 stuks per vierkante meter. Gezien de geringe dikte van de voegen, kunnen geen traditionele spouwankers gebruikt worden, maar spouwhaken met één platte zijde.

Hoewel lijmmortel sterk genoeg is om deze constructies aan te kunnen, is een bijkomende wapening bij grote overspanningen of bij toepassing van stapelverband noodzakelijk. De reden hierachter is dat een uitvoeringsfout in het metselwerk (of eerder lijmwerk) altijd mogelijk is en het risico te groot.

Enkele tips voor het verlijmen van gevelstenen

  • Bij handvormstenen is het aangewezen om de frog van de steen steeds naar onder te plaatsen.
  • Indien de stenen sterk bezand zijn, wordt het overtollige zand best afgeborsteld alvorens te verwerken.
  • Strengpersstenen zijn doorgaans geperforeerd. Het is aangewezen om stenen te gebruiken met verkleinde of terugliggende perforatie.
  • De lijmmortel moet aangepast zijn aan het zuiggedrag van de gevelsteen. Er zijn 4 categorieën (overeenkomstig de NBN EN 772-11), volgens de hoeveelheid water dat ze via hun legvlak opnemen :
    • “niet” zuigende steen < 0,5 kg/m².min
    • matig zuigende steen 0,5-1,5 kg/m².min
    • normaal zuigende steen 1,5-4,0 kg/m².min
    • sterk zuigende steen > 4,0 kg/m².min