Probleem
1 - Bij gebrek aan een waterdichting kunnen zich verschillende problemen voordoen
1. Op metselwerk van betonblokken die door hun zeer poreuze aard niet aan waterdruk of aan de tegendruk van water weerstaan
2. Aan voegen van gemetselde betonblokken die waterinfiltratie bevorderen en, bij afwezigheid van afvoergleuven, bij muur-vloerverbindingen
3. Aan de verankering of bij de doorgang van leidingen, zwakke punten, die de waterdoorsijpeling bevorderen
2 - Het is dus noodzakelijk een waterdichting uit te voeren
1. De waterdichting kan uitgevoerd worden indien aan de twee volgende voorwaarden werd voldaan :
- het laagste niveau waarop de waterdichting wordt uitgevoerd, dient altijd boven het hoogste waterpeil te liggen
- maatregelen dienen genomen te worden om waterophoping te voorkomen langs de perifere muren (drainage, ...)
2. De waterdichting dient te weerstaan aan :
- de druk en de tegendruk van water en de insijpeling van regen- of grondwater,
- aanaardingen,
- de agressieve invloed van aarde en grondwater
3. Om aan al deze belastingen te weerstaan, dient men te kiezen voor :
- een dunne bekleding die, door kristallisatie, alle gaten en holle ruimtes van de ondergrond afsluit om waterinsijpeling onmogelijk te maken, maar tegelijkertijd het ademen van de muren toelaat
- of voor een mortel die in een aanzienlijke laagdikte wordt aangebracht om de oneffenheden van de ondergrond op te vangen
Toepassingsadvies
1 -Voorbereiding
- holklinkende of brokkelige delen verwijderen
- ontbrekende delen en gaten met weber.rep beton of weber.dry enduit vullen
- de muurvoeting zuiver maken
- groeven of uithollingen in de voegen van betonblokken vullen met weber.rep beton of weber.dry enduit
- bij insijpelend grondwater, gaten waar het water infiltreert, vergroten tot een minimum oppervlakte van 3 x 3 cm
- vervolgens de gaten vullen met de zeer snelle afdichtingsmortel weber.rep chrono of weber.rep fast
2 - Aanbrengen
Oplossing 1
- indien de ondergrond gelijkmatig vlak is met volledig goed gevulde voegen, de ondergrond overvloedig bevochtigen en twee lagen weber.dry plus aanbrengen met een blokborstel of met de plakspaan
- over het gehele oppervlak dient de laagdikte weber.dry plus minimum 2 mm te bedragen
Oplossing 2
- indien het oppervlak onregelmatigheden vertoont, weber.dry enduit in één of twee lagen met de vlakspaan aanbrengen. Uitvlakken met de regel of een mes
- als de laag weber.dry enduit begint aan te trekken, deze met een holle pvc-spaan of een polystyreenspaan schuren
- de uniforme laagdikte weber.dry enduit dient minimum 5 mm te bedragen
- weber.dry enduit kan ook machinaal aangebracht worden
Aanbeveling
- de technische nota’s van de gebruikte producten raadplegen
WEBER OPLOSSINGEN













